Bont

Bonte valkparkiet - George Steinz

Bonte valkparkiet – George Steinz

De bont mutatie werd voor het eerst gesignaleerd rond 1950 in de USA en was daarmee de allereerste kleurmutatie bij de valkparkiet. De bonte valkparkiet wijkt af van de wildkleur doordat hij geel/witte veervelden vertoont, waarin het eumelanine ontbreekt. Meerbepaald ontbreken de melanocyt cellen op die plaatsen in de huid, die het eumelanine aanmaken. De verdeling van deze cellen wordt al zeer vroeg geregeld in de ontwikkeling van een jonge vogel in het ei, bij de vorming van de neurale lijst (Van den Abeele, 2013).

De bont mutatie vinden we bij veel kromsnavelsoorten terug en er bestaan zeker drie vormen: recessief bont, dominant bont en mottle. De dominant bonte valkparkiet zou ooit bestaan hebben, maar hiervan zijn vandaag geen exemplaren meer bekend. Een mottle wordt met een normaal uiterlijk geboren, het bontpatroon komt pas later te voorschijn en neemt toe naarmate de vogel ouder wordt. Ook dit vinden we (voorlopig) niet terug bij de valkparkiet, bij deze soort komt enkel de autosomaal recessieve bontvorm voor.

De bonte veervelden zijn willekeurig verspreid over het lichaam. Of toch niet helemaal willekeurig, want uiteinden zoals de kuif, staart  en vleugelpunten zijn het vaakst bont gekleurd. De snavel, tenen en nagels kunnen ook bont zijn, dus lichter gekleurd. De hoeveelheid bonte plekken varieert van slechts enkele veren tot volledig bonte vogels, die er uitzien als lutino’s maar dan met zwarte ogen. Deze worden meestal omschreven als “clear pied”. Vogels met veel bont noemt men ook wel eens “zwaar bont” en die met weinig “licht bont”. Er zijn ook bonte vogels die enkel nog de oorspronkelijke grijze lichaamskleur vertonen op de bovenzijde van de vleugels. Dit betreft een selectievorm welke men ‘getekend’ noemt (zie aparte beschrijving).

Clear pied man

Clear pied man

De bonte valkparkiet is een veelvoorkomende verschijning en kwekers vinden dit soms maar een banale mutatie. Maar eigenlijk is het bijzonder moeilijk om een goede bonte vogel te kweken – naar de standaardeisen – en vormt dit een grote uitdaging voor zelfs de gevorderde kwekers. Bonte vogels werden lange tijd niet gevraagd op tentoonstellingen, maar daar is verandering in gekomen: de COM besliste om bonte vogels opnieuw toe te laten en in bepaalde clubs is dit intussen ook opgenomen in het vraagprogramma.

Bonte valkparkiet - Pieter D'Hooghe

Bonte valkparkiet – Pieter D’Hooghe

Er bestaat een enorme variatie tussen bonte valkparkieten onderling, zoals hierboven omschreven. Het is wel zo dat jongen vaak op hun ouders gelijken qua bont patroon. Dit doet wetenschappers nadenken over de werking van de bont mutatie, er zijn er die vermoeden dat het om meerdere genen gaat (Martin & Andersen, 2007): één gen – het bont-gen – bepaalt in grote mate of een vogel bont is of niet. Maar daarnaast zijn er ook ‘bijkomstige genen’ die een beperkte aanvulling doen in het bont patroon. Andere ‘modificerende genen’ zouden dan verder de hoeveelheid en locatie van het bont patroon sturen.

Het samenspel van al die genen bepaalt dus hoeveel en waar het bont patroon zichtbaar is. Dit zou ook de

aanwezigheid van splitvlekken kunnen verklaren, die soms aanwezig zijn wanneer een valkparkiet split is voor bont. Bv. stel dat dit een autosomaal dominant verervend ‘bijkomstig gen’ betreft. Meestal betreffen de splitvlekken eerder splitveren: het gaat dan om één of meerdere witte of gele veertjes in de nek, kop of kuif van de vogel. Ook kan het gebeuren dat één of meerdere nagels lichtgekleurd zijn bij splitvogels. Maar dit mag niet veralgemeend worden: zeker niet alle splitvogels hebben deze kenmerken, een vogel kan dus ook perfect split bont zijn zonder het te tonen.

Bonte splitvlekken

Bonte splitvlekken

Bij de combinatie opaline met bont duurt het vaak vele jaren vooraleer de mannen het opaline patroon verliezen. Jaarlijks neemt de tekening bij de man wat af (zie foto’s).

Fotoreeks opaline bonte man

Fotoreeks opaline bonte man

Enkel op basis van het uiterlijk kan je het geslacht van een bonte valkparkiet niet bepalen, zelfs bij volwassen vogels. Er is één uitzondering en dat zijn de opaline bonte mannen, die geleidelijk aan het opaline patroon verliezen. De bont mutatie tast het geslachtsdimorfisme aan, ofwel: de bont mutatie neemt de uiterlijke verschillen tussen man en pop weg. Volwassen bonte mannen kunnen even goed eumelanine (grijze kleur) bezitten in het masker, terwijl dit bij alle andere kleurmutaties enkel bij de pop voorkomt. Andersom is ook mogelijk: een bonte pop kan perfect een volledig geel/wit masker hebben met een grote rode wangvlek.

Bont jong

Bont jong

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *